Je rijbewijs halen op latere leeftijd kan voelen als een grote stap. Misschien heb je het jarenlang uitgesteld, had je eerder geen auto nodig of reed je partner altijd. Misschien is je situatie veranderd door werk, familie, een verhuizing of simpelweg omdat je meer vrijheid wilt. Wat de reden ook is: beginnen met rijlessen op latere leeftijd is helemaal niet vreemd. Sterker nog, veel mensen kiezen er bewust voor om pas later hun rijbewijs te halen.
Het belangrijkste om te weten is dat leeftijd op zichzelf geen belemmering hoeft te zijn. Je leert misschien op een andere manier dan iemand van achttien, maar dat betekent niet dat je minder goed kunt leren rijden. Vaak neem je juist meer levenservaring, rust en verantwoordelijkheidsgevoel mee de auto in. Dat zijn eigenschappen die in het verkeer enorm waardevol zijn.
Waarom steeds meer mensen later hun rijbewijs halen
Niet iedereen begint direct met rijlessen zodra het mag. Voor sommige mensen was het vroeger financieel niet haalbaar. Anderen woonden jarenlang in een stad waar de fiets, bus of trein voldoende was. Ook komt het vaak voor dat iemand altijd kon meerijden met een partner, familielid of collega, waardoor een rijbewijs nooit echt noodzakelijk voelde.
Op latere leeftijd kan dat ineens veranderen. Een nieuwe baan kan vragen om meer flexibiliteit. Familie kan verder weg wonen. Het openbaar vervoer sluit misschien minder goed aan op je dagelijks leven. Of je merkt dat je niet langer afhankelijk wilt zijn van anderen wanneer je ergens naartoe wilt. Juist dan kan je rijbewijs halen op latere leeftijd een waardevolle stap zijn richting zelfstandigheid.
Twijfel je nog of rijlessen bij je passen? Dan kan een proefles helpen om op een laagdrempelige manier te ervaren hoe het is om weer iets nieuws te leren. Je hoeft dan nog niet alles te kunnen. Het gaat er vooral om dat je voelt waar je staat en wat je nodig hebt om met vertrouwen te beginnen.

Ben je te oud om te leren rijden?
Nee, je bent niet te oud om te leren rijden. Natuurlijk kan het zijn dat je iets meer tijd nodig hebt om bepaalde handelingen eigen te maken. Denk aan schakelen, kijken, sturen, inschatten en tegelijk reageren op andere weggebruikers. Maar rijden leer je niet door alles in één keer perfect te doen. Je leert het stap voor stap, door herhaling en door duidelijke begeleiding.
Volwassen leerlingen hebben vaak een groot voordeel: ze kiezen bewuster voor hun rijbewijs. Waar jonge leerlingen soms beginnen omdat het “erbij hoort”, starten latere leerlingen vaak met een duidelijk doel. Die motivatie helpt. Je weet waarvoor je het doet en je bent meestal bereid om serieus met de lessen aan de slag te gaan. Ook je levenservaring speelt mee. Je hebt waarschijnlijk al jarenlang deelgenomen aan het verkeer als fietser, voetganger, passagier of misschien als scooterbestuurder. Daardoor herken je situaties vaak sneller dan je denkt. Je moet alleen nog leren hoe je daar als bestuurder van een auto goed en veilig op reageert.
De voordelen van rijlessen op latere leeftijd
Wie later begint, denkt soms vooral aan wat lastig kan zijn. Toch zijn er ook veel voordelen. Je bent meestal rustiger, kunt risico’s beter inschatten en begrijpt sneller waarom verkeersveiligheid belangrijk is. Je neemt beslissingen vaak minder impulsief en bent je bewuster van je verantwoordelijkheid op de weg.
Daarnaast weet je op latere leeftijd vaak beter wat voor begeleiding bij je past. Misschien wil je een instructeur die rustig uitlegt, veel herhaalt of juist duidelijk structuur biedt. Misschien vind je het prettig om eerst in rustige gebieden te oefenen voordat je drukkere verkeerssituaties opzoekt. Goede rijlessen sluiten aan op jouw tempo, niet op een standaard beeld van hoe snel iemand zou moeten leren.
Ook financieel is er soms meer ruimte om de rijopleiding goed aan te pakken. Dat betekent niet dat je zomaar meer lessen moet nemen dan nodig is, maar wel dat je bewust kunt kiezen voor kwaliteit, regelmaat en een pakket dat past bij jouw situatie. Op de pagina met rijlespakketten kun je rustig bekijken welke opbouw bij jouw leerproces past.
Uitdagingen waar je rekening mee mag houden
Het is eerlijk om te zeggen dat rijbewijs halen op latere leeftijd soms ook spannend kan zijn. Vooral als je al lang tegen het idee aanhikt, kunnen onzekerheid en twijfel een rol spelen. Misschien vraag je je af of je snel genoeg reageert, of je alle verkeersregels nog kunt leren of je niet te zenuwachtig bent tijdens het rijden. Die gevoelens zijn normaal. Autorijden is een nieuwe vaardigheid en nieuwe vaardigheden vragen tijd. Zeker in het verkeer, waar veel tegelijk gebeurt, is het logisch dat je niet meteen ontspannen achter het stuur zit. Juist daarom is een rustige opbouw belangrijk. Eerst wennen aan de auto, dan aan eenvoudige verkeerssituaties en daarna steeds meer uitbreiden.
Soms spelen fysieke factoren mee, zoals minder soepel bewegen, sneller vermoeid raken of moeite met langdurige concentratie. Dat hoeft geen probleem te zijn, zolang je er eerlijk naar kijkt. Een goede instructeur kan helpen om de lessen daarop af te stemmen. Denk aan passende lestijden, duidelijke pauzemomenten of de keuze tussen schakel en automaat.
Schakel of automaat: wat past bij jou?
Als je op latere leeftijd begint met rijlessen, is de keuze tussen schakel en automaat belangrijk. Met een schakelrijbewijs mag je later zowel in een schakelauto als in een automaat rijden. Dat geeft meer vrijheid. Tegelijk vraagt schakelen extra handelingen, zoals koppelen, terugschakelen en optrekken zonder afslaan.
Een automaat kan rust geven, omdat je minder hoeft na te denken over de bediening van de auto. Daardoor houd je meer aandacht over voor kijken, inschatten en veilig deelnemen aan het verkeer. Voor sommige leerlingen is dat precies wat nodig is om met meer vertrouwen te leren rijden.
De beste keuze hangt niet alleen af van je leeftijd, maar vooral van je doel, je leerstijl en je gevoel in de auto. Wil je later vooral in een automaat rijden? Dan kan automaatrijles een logische keuze zijn. Wil je zo breed mogelijk inzetbaar zijn en vind je het geen probleem om extra tijd te nemen voor voertuigbeheersing? Dan kan schakelen goed bij je passen.
Hoeveel rijlessen heb je nodig op latere leeftijd?
Daar is geen vast antwoord op. Leeftijd kan invloed hebben op het leertempo, maar zegt niet alles. De ene leerling van vijftig leert sneller dan iemand van twintig, terwijl een andere leerling juist meer herhaling nodig heeft. Het gaat niet om je geboortejaar, maar om ervaring, concentratie, regelmaat, aanleg, spanning en de kwaliteit van de begeleiding.
Wat wel helpt, is consistent lessen. Als er te veel tijd tussen de lessen zit, ben je vaak een deel van de volgende les kwijt aan herhalen. Door regelmatig te rijden, bouw je sneller routine op. Je lichaam went aan de bediening van de auto en je hoofd leert verkeerssituaties steeds beter herkennen. Ook bloklessen kunnen prettig zijn. In een langere les is er meer tijd om rustig op te starten, situaties meerdere keren te oefenen en na afloop goed te bespreken wat beter ging. Dat geeft vaak meer leerwaarde dan telkens korte stukjes rijden.
Praktische tips om met vertrouwen te starten
Ongeacht je leeftijd begint een goede rijopleiding met vertrouwen in jezelf.
Begin met een realistisch doel
Je hoeft niet binnen een paar weken examenrijp te zijn. Het is veel belangrijker dat je veilig, rustig en zelfstandig leert rijden. Gun jezelf de tijd om fouten te maken, want fouten horen bij leren. Een goede rijles is niet een les waarin alles perfect gaat, maar een les waarin je begrijpt wat er gebeurt en hoe je het de volgende keer beter doet.
Kies voor regelmaat
Probeer niet steeds lange pauzes tussen je lessen te laten vallen. Hoe vaker je rijdt, hoe sneller handelingen vertrouwd voelen. Dat geeft rust en zorgt ervoor dat je steeds minder hoeft na te denken over de basis.
Bespreek eerlijk waar je tegenop ziet
Vind je rotondes spannend? Ben je bang om af te slaan bij drukke kruispunten? Of maak je je zorgen over het examen? Hoe duidelijker je dit aangeeft, hoe beter je instructeur je kan begeleiden. Rijangst of onzekerheid wordt meestal kleiner wanneer je situaties stap voor stap oefent in plaats van ze te vermijden.
Vergelijk jezelf niet met jongere leerlingen, vrienden of familieleden
Jouw rijopleiding is van jou. De enige vooruitgang die telt, is jouw eigen vooruitgang.
Theorie leren als volwassen leerling
Naast praktijklessen hoort ook het theorie-examen bij je rijbewijs. Sommige volwassen leerlingen zien hier tegenop, vooral als het lang geleden is dat ze voor een examen hebben geleerd. Toch is theorie vaak goed te doen wanneer je het rustig opbouwt.
Plan vaste momenten om te leren en verdeel de stof in kleinere stukken. Probeer verkeersregels niet alleen uit je hoofd te leren, maar koppel ze aan situaties die je in de praktijk tegenkomt. Als je tijdens je rijles een voorrangssituatie oefent, herken je daarna beter waarom die regel bestaat. Zo versterken theorie en praktijk elkaar.
Ook hier geldt: je hoeft niet alles in één keer te kunnen. Door herhaling wordt de stof steeds logischer. Veel leerlingen merken dat ze verkeerssituaties tijdens de rijles beter begrijpen zodra de theorie begint te landen.

Rijbewijs halen op latere leeftijd begint met vertrouwen
Je rijbewijs kan veel veranderen in je dagelijks leven. Zelf naar familie rijden, onafhankelijk naar je werk gaan, makkelijker boodschappen doen of spontaan ergens naartoe kunnen: die vrijheid kan op elke leeftijd waardevol zijn.
Daarom is je rijbewijs halen op latere leeftijd geen achterstand, maar een bewuste keuze. Je begint met meer levenservaring, vaak met een duidelijk doel en met de motivatie om het op jouw manier te leren. Met rustige begeleiding, voldoende herhaling en vertrouwen in je eigen tempo kun je stap voor stap groeien naar zelfstandig autorijden.
Twijfel je of rijlessen voor jou moeilijker zijn?
Als je op latere leeftijd begint met rijlessen, is het heel normaal dat je jezelf afvraagt of het voor jou moeilijker wordt. Misschien denk je dat je minder snel leert dan vroeger, dat je reactiesnelheid niet meer hetzelfde is of dat je te veel spanning voelt zodra je achter het stuur zit. Die twijfel betekent niet dat je niet geschikt bent om te leren rijden. Het betekent vooral dat je iets nieuws serieus neemt.
Rijles is voor iedereen anders. De ene leerling heeft meer tijd nodig voor voertuigbeheersing, terwijl de ander vooral moet wennen aan druk verkeer of het nemen van beslissingen op kruispunten. Leeftijd speelt daarin soms een rol, maar is zeker niet de enige factor. Rust, herhaling, duidelijke uitleg en een instructeur die goed aansluit op jouw tempo maken vaak veel meer verschil.
Ook onzekerheid hoeft geen belemmering te zijn. Je hoeft niet zelfverzekerd te starten om uiteindelijk zelfstandig te leren rijden. Zelfvertrouwen ontstaat juist tijdens de lessen, doordat je merkt dat situaties die eerst spannend waren steeds vertrouwder worden. Eerst lukt het misschien om rustig op te trekken en goed te sturen. Daarna komt het kijken, inschatten en reageren stap voor stap meer vanzelf. Zo groeit je vertrouwen niet in één keer, maar per les.
Er is bovendien geen maximale leeftijd om je rijbewijs te halen, zolang je medisch geschikt bent om te rijden en voldoet aan de eisen voor theorie en praktijk. Je bent dus niet de enige die later begint. Veel mensen starten pas op latere leeftijd door werk, gezin, een verhuizing, veranderde omstandigheden of de wens om minder afhankelijk te zijn van anderen. Juist omdat je weet waarom je het doet, begin je vaak met een duidelijke motivatie. Dat is een sterke basis om op voort te bouwen.
Begin op een manier die bij jou past
Je rijbewijs halen op latere leeftijd hoeft geen haastige beslissing te zijn. Het is vooral een stap die je op jouw tempo mag zetten. Misschien wil je eerst ontdekken hoe het voelt om weer achter het stuur te zitten, of wil je weten welke lesaanpak het beste bij je past. Dat is helemaal normaal. Bij BeSure draait het niet om zo snel mogelijk door de lessen heen gaan, maar om veilig, rustig en met vertrouwen leren rijden. Wil je eerst ervaren hoe dat voelt? Dan kan een proefles een rustige eerste stap zijn om te ontdekken wat bij jou past.
Het behalen van je rijbewijs is een grote mijlpaal. Na het behalen van je rijbewijs kun je eindelijk zelf (of met een begeleider) de weg op. Maar wat houdt dit precies in en hoelang duurt het dan tot je geen beginnend bestuurder meer bent? In deze blog leggen we alles uit over de duur, de regels en de gevolgen van het beginnersrijbewijs.
Hoe lang ben je beginnend bestuurder?
Hoe lang je beginnend bestuurder bent, hangt af van je leeftijd en het type rijbewijs dat je haalt. We hebben een kort overzicht gemaakt:
- 16 jaar: beginnend bestuurder voor 7 jaar
- 17 jaar: beginnend bestuurder voor 5 jaar
- 18 jaar of ouder: beginnend bestuurder voor 5 jaar
Dit betekent dat iemand die op 17-jarige leeftijd zijn rijbewijs haalt, tot zijn 22e wordt beschouwd als beginner. Voor 16-jarigen geldt een langere periode van 7 jaar. Ben je 18 jaar of ouder? Dan ben je slechts 5 jaar beginnend bestuurder.
Wanneer ben je een beginnend bestuurder?
Een beginnend bestuurder is iemand die voor het eerst een rijbewijs haalt. Dit is ongeacht het soort rijbewijs, zoals auto of motor, en de leeftijd. Dus ook wanneer een 50-jarige voor de eerste keer een rijbewijs haalt, is deze een beginnende bestuurder.
Het beginnersrijbewijs is hetzelfde als een regulier rijbewijs, maar het geeft aan dat je nieuw bent als bestuurder. Het wordt geregistreerd in het systeem van het CBR en de RDW.
Uitzonderingen
Zoals op de meeste regels, zijn er uitzonderingen op hoe lang je beginnend bestuurder bent.
Als je meerdere soorten rijbewijzen haalt, kan de duur verschillen. Zo kan een beginner met een AM-rijbewijs van 16 of 17 jaar de status zeven jaar behouden, terwijl een B-rijbewijs vanaf 17 jaar slechts vijf jaar geldt. Hierdoor kan iemand van 17 jaar langer een beginnende bestuurder zijn dan iemand van dezelfde leeftijd, die op dezelfde dag een B-rijbewijs heeft gehaald. Dit komt door de verschillende regels van de soorten rijbewijzen.
Rijbewijzen die voor 1 juli 1985 zijn verlopen, vallen niet onder de beschreven regels. Wanneer iemand opnieuw een rijbewijs haalt, nadat deze verlopen is voor 1 juli 1985, is deze toch een beginnende bestuurder.

Waarvoor dient de titel ‘beginnend bestuurder’
Omdat beginnende bestuurders nog maar net een voertuig mogen besturen, leiden verkeersovertredingen sneller tot consequenties. Zo kan een beginnend bestuurder sneller zijn rijbewijs kwijtraken bij overtredingen, zoals te hard rijden of door een rood licht rijden. Het idee hierachter is dat nieuwe bestuurders extra begeleiding nodig hebben en minder ervaring hebben op de weg.
Statistieken laten zien dat bestuurders in hun eerste jaren een hoger risico lopen op ongelukken. Daarom moeten zij zich voorzichtiger bewegen en meer opletten dan ervaren bestuurders. Doen zij dit niet? Dan is het belangrijk dat hier gevolgen aan vastzitten. Het doel is om de verkeersveiligheid te vergroten door nieuwe bestuurders te stimuleren voorzichtig te rijden. Zo kunnen beginnende bestuurders op een veilige manier ervaring opdoen.
Gevolgen van de titel ‘beginnend bestuurder’
Als beginnend bestuurder moet je rekening houden met strengere regels bij verkeersovertredingen. Een beginnende bestuurder die te hard rijdt of een andere overtreding begaat, loopt meer kans om zijn rijbewijs te verliezen dan iemand met ervaring.
Daarnaast is de toegestane maximale alcoholgrens voor beginnende bestuurders 0,2 promille in je bloed, of 88 microgram per liter adem. Dit is anders dan voor ervaren bestuurders, zij mogen tot 0,5 promille in het bloed hebben tijdens het rijden.
Strafpunten als beginner
Een beginnende bestuurder kan sneller strafpunten krijgen bij verkeersovertredingen. Bij een bepaald aantal punten kan het rijbewijs worden ingetrokken, waardoor je opnieuw examens moet afleggen. Het is daarom belangrijk om voorzichtig en verantwoordelijk te rijden. Dit geldt extra voor beginnende bestuurders.
Tips voor beginnende bestuurders
- Rijd defensief. Let goed op andere weggebruikers, vooral in druk verkeer.
- Houd je aan de snelheid. Te hard rijden kan direct gevolgen hebben wanneer je beginnend bestuurder bent.
- Volg verkeersregels strikt op. Zelfs kleine overtredingen kunnen zwaarder worden bestraft.
- Oefen veel. Meer ervaring helpt bij het veilig bewegen in het verkeer.
Hoe lang je beginnend bestuurder bent hangt dus af van je leeftijd en het soort rijbewijs dat je haalt. Het beginnersrijbewijs brengt extra verantwoordelijkheden met zich mee en zorgt ervoor dat beginnende bestuurders goed kunnen oefenen in het verkeer. Volg de regels op en rijd veilig. Zo kun je er zeker van zijn dat je niet onnodige boetes krijgt of je rijbewijs weer in moet leveren. Door goed op te letten en de regels te volgen, kun je deze fase succesvol doorlopen en word je een ervaren en veilige bestuurder.
Als je gaat beginnen met rijlessen of je rijbewijs wil uitbreiden, kom je al snel veel verschillende rijbewijs soorten tegen. Je hoort termen zoals AM, A1, B, BE, C, D en T voorbij komen, maar wat betekenen die letters nu precies? Welke rijbewijzen zijn er allemaal in Nederland en met welke voertuigen mag je dan rijden? Die vragen worden beantwoord in deze blog.
Rijbewijs soorten in Nederland
In Nederland is elk rijbewijs gekoppeld aan een voertuigcategorie. Zo hoort AM bij scooters en brommers, A bij motoren en B bij de auto. Daarnaast zijn er ook nog speciale rijbewijzen voor aanhangers, vrachtwagens, bussen en trekkers. De belangrijkste categorieën voor de meeste bestuurders zijn:
- AM: bromfiets, scooter, brommobiel
- A1, A2, A: motor in drie ‘zwaartes’
- B: personenauto
- B+ (code 96) en BE: auto met zwaardere aanhanger of caravan
- C en D: vrachtwagen en bus
- T: trekker en landbouwvoertuigen
Op je fysieke rijbewijs kun je in een tabel zien welke categorieën je hebt en vanaf welke datum. Maar eerst: wat houden de verschillende soorten rijbewijs in?
Rijbewijs AM
Voor veel jongeren is het rijbewijs AM de eerste stap richting vrijheid. Met dit rijbewijs mag je rijden op een bromfiets, scooter, snorfiets, speed-pedelec en brommobiel. Je mag al vanaf 15,5 jaar het theorie-examen doen en vanaf 16 jaar praktijkexamen. Dat betekent dat je vaak al naar school, werk of je sportclub kunt rijden zonder dat je een auto hebt. Vind jij het fijn en belangrijk om vroeg zelfstandig op pad te kunnen? Dan is het AM-rijbewijs een heel logische keuze. Later hoef je AM niet per se apart te halen. Als je het autorijbewijs of motorrijbewijs haalt, wordt AM automatisch toegevoegd. Je moet dan dus wel nog even wachten tot je het B of A rijbewijs mag halen.
Motorrijbewijzen A1, A2 en A
Bij motorrijden heb je te maken met drie verschillende soorten rijbewijzen: A1, A2 en A. Die opbouw is er niet voor niets, want je begint lichter en werkt toe naar zwaardere motoren. Met rijbewijs A1 mag je op een lichte motor rijden. Dat is perfect als je net 18 bent en vooral rijervaring wil opdoen met de motor. A2 is de volgende stap: een middelzware motor met meer vermogen. Uiteindelijk kun je doorgroeien naar motorrijbewijs A voor de zware motors. Afhankelijk van je leeftijd en ervaring kun je stappen overslaan of juist rustig opbouwen. Als je twijfelt of motorrijden iets voor jou is, dan kun je bij een rijschool vaak een vrijblijvende proefles doen. Dan merk je vanzelf of de motorwereld bij je past.

Rijbewijs B
Het autorijbewijs B is veruit het meest gehaalde rijbewijs in Nederland. Met rijbewijs B mag je in een personen- of bestelauto rijden tot 3500 kilo en maximaal acht passagiers meenemen, naast jezelf. Je mag al vanaf 16 jaar theorie-examen doen. Vanaf 16,5 jaar kun je beginnen met rijlessen en op je 17e mag je praktijkexamen doen. Rijd je op je 17e al met rijbewijs B, dan geldt 2toDrive: je rijdt met een ‘coach’ naast je totdat je 18 bent. Dit mogen ook je ouders zijn als ze voldoende rijervaring hebben. Daarna mag je zelfstandig rijden. Je kunt kiezen of je wil lessen in een schakelauto of automaat. Met een schakelrijbewijs mag je later in beide auto’s rijden. Kies je een automaat, dan krijg je een beperking op je rijbewijs en mag je niet in een schakelauto rijden.
Rijbewijs B+ en BE
Veel mensen komen pas later in aanraking met andere rijbewijs soorten, bijvoorbeeld als ze een caravan kopen. Dan wordt het interessant om te kijken naar een B+ en BE rijbewijs. Met een rijbewijs B mag je al best veel: je mag altijd een aanhanger tot 750 kilo trekken. Zwaarder mag ook, zolang het totaalgewicht van de auto plus aanhanger onder 3.500 kilo blijft. Ga je daarboven? Dan heb je een extra bevoegdheid nodig.
Bij B+ (code 96) mag de combinatie tussen 3.500 en 4.250 kilo zijn. Dat is handig als je nét wat zwaarder uitkomt met een caravan of aanhanger, maar het nog niet in de ‘zware klasse’ valt. Met rijbewijs BE ga je een stap verder en mag je met veel zwaardere combinaties rijden. In de praktijk betekent dit dat je incidenteel best met een caravan op pad kunt met rijbewijs B, maar dat je B+ of BE nodig hebt als je zwaarder gaat rijden.
Vrachtwagen- en busrijbewijs C en D
Misschien heb je wel de ambitie om later chauffeur te worden. Dan kom je terecht bij de vrachtwagenrijbewijzen (C) en busrijbewijzen (D). Met rijbewijs C mag je in een vrachtwagen boven de 3.500 kilo rijden. C1 is er voor de lichtere variant, C voor de zwaardere. Met een E erachter (CE of C1E) mag je ook met een oplegger of zware aanhanger rijden.
Rijbewijs D en varianten als D1 en DE zijn bedoeld voor bussen waarmee je meer dan acht passagiers vervoert. Dat is de wereld van touringcars, lijndiensten of andere personenvervoer. Wil je beroepschauffeur worden? Dan krijg je ook te maken met extra regels en nascholing.

T-rijbewijs
Als laatste rijbewijs is er nog het T-rijbewijs, speciaal voor landbouw- en bosbouwtrekkers en bepaalde landbouwvoertuigen op de openbare weg. Dit rijbewijs is onmisbaar als je later in de landbouw wilt werken of nu al regelmatig met een trekker de weg op wil gaan. Je mag al vanaf 15,5 jaar theorie-examen doen en vanaf 16 jaar het praktijkexamen. Het T-rijbewijs lijkt misschien een niche, maar een veel dorpen en buitengebieden is het toch een rijbewijs wat je vaak voorbij ziet komen.
Er zijn dus behoorlijk wat verschillende soorten rijbewijs en in theorie kun je ze lang niet allemaal nodig hebben. Twijfel je welk rijbewijs het beste bij jou past? Rijschool Besure helpt je om de juiste te kiezen, zodat jij veilig en met vertrouwen de weg op kan.
Veel mensen stellen zichzelf de vraag: mag je met een autorijbewijs scooter rijden? Het antwoord op deze vraag is “ja”, maar er zijn een aantal belangrijke voorwaarden waar je rekening mee dient te houden. Deze blog zal dieper op deze voorwaarden ingaan. Bovendien kijken we ook wat de regels zijn bij een motor rijbewijs.
Welk rijbewijs heb je nodig om een scooter te rijden?
Wanneer je een scooter of snorfiets wilt besturen, heb je een AM-rijbewijs nodig. Met dit bromfietsrijbewijs mag je brom- en snorfietsen besturen. Ook speed-pedelecs (snelle elektrische fietsen) en een brommobiel mag je met een scooterrijbewijs besturen. Weet wel dat je verplicht bent om een helm te dragen en met een bromfiets mag je maximaal 45 kilometer per uur rijden op de rijbaan en op fietspaden buiten de bebouwde kom. Op het fietspad binnen de bebouwde kom geldt een snelheid van 30 kilometer per uur.
Mag je scooter rijden met een autorijbewijs?
Je mag een scooter rijden met je autorijbewijs. Wanneer je jouw rijbewijs B op zak hebt, dan krijg je automatisch en gratis je scooterrijbewijs erbij. Je doet op deze manier maar een keer examen, waarna je beide voertuigen mag besturen. Ook bij het behalen van je motorrijbewijs krijg je een bromfietsrijbewijs er gratis bij. Op de achterkant van je rijbewijs staan de categorieën aangekruist, die je met een autorijbewijs mag besturen. Controleer daarom na het halen van je auto- en motorrijbewijs wel altijd of bromfietsen ook aangekruist zijn.
Mag je scooter rijden met een autorijbewijs als je 17 bent?
Er zijn wel regels verbonden aan het gebruik van rijbewijzen. Voor rijbewijs B moet je minimaal achttien jaar en ouder zijn. Met 17 jaar mag je alleen met een begeleider in een auto rijden. Wel mag je zonder begeleider op je scooter of brommer rijden op je zeventiende. Een bromfietsrijbewijs mag je echter al vanaf zestien jaar gebruiken. Bovendien is een scooterrijbewijs halen voor veel mensen nog steeds de voordeligste optie, waardoor velen toch kiezen ervoor om eerst een AM-rijbewijs te halen.
Mag je ook een auto rijden met alleen je scooter rijbewijs?
In een auto mag je alleen rijden met een rijbewijs B. Een scooterrijbewijs stelt je alleen in staat om brom- en snorfietsen te besturen. Een auto valt hier niet onder. Dit is ook wel logisch, want bij een praktijkexamen voor een scooter wordt er bijvoorbeeld geen aandacht besteed aan rijden op een snelweg. Bij een auto is dit wel vereist en daarom heb je voor de auto een ander rijbewijs nodig dan een scooterrijbewijs.
Geen rijbewijs nodig voor bijzondere bromfietsen
Momenteel rijden er ook veel bijzondere bromfietsen op de weg. Denk bijvoorbeeld aan de Trikke, Stint of de Segway. Op dit moment heb je geen rijbewijs nodig voor deze bijzondere vervoersmiddelen. Wel is het ministerie bezig met het opstellen van nieuwe regels, juist door de populariteit van bovengenoemde voertuigen. Daarom is er een grote kans aanwezig dat je binnenkort ook voor deze bijzondere bromfietsen een AM-rijbewijs nodig hebt.
De herfst komt weer om de hoek kijken en de winter is niet meer ver verwijderd. Naast alle gezelligheid leveren deze seizoenen ook uitdagingen op, vooral op de weg. Bladeren, sneeuw en ijzel op de weg zijn verraderlijk en komen vaak voor. Dit levert ieder jaar een vermakelijke collectie aan dashboardcam-video’s en fail-video’s op. Met deze tips kunt u met een gerust hart veilig autorijden bij gladheid op de weg, zodat u (hopelijk) niet bij die collectie terecht komt!
Voorbereidingen aan de auto
Net als met zoveel andere dingen is een goede voorbereiding en planning altijd een goede basis. Er zijn een aantal dingen die waarmee vooraf rekening gehouden kan worden. Rijdt in de winter met winterbanden, zorg altijd voor de juiste uitrusting wanneer u de weg opgaat en plan uw route slim. Is uw zicht aan de voorkant minder dan 100 meter, gebruik dan uw mistvoorlicht. Is het zicht achter u minder dan 50 meter? Gebruik dan het mistachterlicht!
Veilig de gladde weg op, met winterbanden
Wanneer het kouder wordt gaan zomerbanden minder presteren. Bij temperaturen onder de 7 graden is het zeker aan te raden om met winterbanden te rijden. In andere woorden is het zelfs gevaarlijk om bij lagere temperaturen met zomerbanden te rijden. Er zit simpelweg een groot verschil tussen het aantal richels, de rubbersamenstelling en de water-afvoercapaciteit. Dat heet allemaal enorm veel invloed op de remweg van het voertuig.
In het vlakke Nederland zouden 4-seizoenen-banden kunnen voldoen. Echter is hiermee de remweg enkele meters langer en heeft u minder tractie en zijdelingse grip in de sneeuw. Bij een helling zullen all-season banden gauw tekortschieten. In wintersportgebieden is het, naast het rijden met winterbanden, ook verplicht om te rijden met sneeuwkettingen.
De anwb doet ieder jaar een winterbandentest, rijschool Besure raadt aan om deze zeker te bekijken voordat u een keuze maakt!
Een sneeuwvrije auto is een veilige auto
Een mistige of besneeuwde ruit beperkt het zicht. Zorg daarom altijd voor een ijskrabber, zeemspons en een flesje antivries. Zorg ook voor een extra flesje antivries, voor het geval de auto niet wil openen door een bevroren slot. Maak voor vertrek de auto altijd helemaal sneeuwvrij, zodat tijdens het rijden geen gevaarlijke situaties voor uzelf of anderen ontstaan. De sneeuw die op uw dak ligt kan bijvoorbeeld op uw voorruit, of die van een achterligger, belanden. En last but not least: dubbelcheck ook altijd even de parkeersensoren, verlichting en de richeltjes daarboven!
Ga voor zekerheid tijdens de winter
Zorg dat u altijd de weg op gaat met een setje startkabels of een jumpstarter in de kofferbak. Dit neemt niet veel plaats en kan meerdere keren uw redding zijn. In de koude dagen willen auto’s nog wel eens moeilijk starten en kan het vaker voorkomen dat u uw licht vergeet uit te zetten. De auto zal dan na een tijdje niet meer starten door de lege accu. Een jumpstarter heeft het bijkomend voordeel dat u niemand nodig heeft met een auto om uw auto weer aan de gang te krijgen. Het nadeel hiervan is dat deze eens in de zoveel tijd opgeladen moet worden.
Veilig autorijden bij gladheid
Het wordt aangeraden om zoveel mogelijk over hoofdwegen te rijden, hier rijdt ook openbaar vervoer en er wordt daarom ook veel gestrooid. Zorg altijd voor wat cash en een opgeladen telefoon en powerbank. Met een opgeladen telefoon en cash kunt u immers ieder obstakel overwinnen om uw auto veilig bij de garage te krijgen en de reis te voltooien. Het is aan te raden altijd wat te eten en drinken mee te nemen. Mocht er dan toch iets gebeuren, of moet u lang wachten, bent u op en top voorbereid!
Voorzichtig wegrijden bij gladheid
n de eerste versnelling kunnen de banden, door de gladheid, zich ingraven. Het advies luidt: “Langzaam optrekken in de 2e versnelling, laat de koppeling rustig opkomen en geef weinig gas”. Ook kan het helpen om schuin weg te sturen tijdens het wegrijden.
Handelingen tijdens het autorijden bij gladheid
Voor elke handeling of bijzondere verichting rustig en met aandacht uit, geef minder gas en laat eerder het gas los. Neem de bocht langzamer en raak tijdens een bocht de rem niet aan. Het beste is om pas weer gas wanneer het voertuig weer recht staat. Mocht u toch slippen; houd het stuur recht, laat het gas los en laat de wielen rustig uitslippen. Daarnaast is afstand houden extra belangrijk. Net die paar meter extra geeft de mogelijkheid om tijdig te reageren. Tot slot kunt u ook eerder remmen om doorglijden te voorkomen.
Auto afremmen bij gladheid
Dit kan door een klein beetje af te remmen, maar niet pompend, door pompend te remmen is uw remweg namelijk langer bij een glad wegdek. U kunt ook op de motor remmen door terug te schakelen, en vervolgens de koppeling ingedrukt te houden. Mocht u tijdens het rijden gaan slippen schakel dan rustig op en blijf laag in het toerental.
Het kan natuurlijk gebeuren dat er bij een onverwachtse situatie toch erg hard geremt moet worden. Is het voortuig voorzien van ABS (antiblokkeersysteem)? Trap dan de rem en koppeling hard in. Door het ABS blijven de wielen rijden en kun je blijven sturen. Wanneer het ABS actief is zal de rem vanzelf op en neer gaan, probeer dit dan ook niet zelf maar blijf wel druk op de rem uitoefenen..
Ga oefenen, doe een slipcursus!
Door ervaring leert men. Eigenlijk voor iedereen raadt rijschool Besure een slipcursus aan. Door te oefenen met verschillende voortuigen en in verschillende situaties, maakt u kennis met wat een slippend voertuig doet. Dit is dan ook de perfecte eerste toevoeging aan het rijbewijs B. Wanneer u dit een paar keer heeft meegemaakt kunt u ook leren hoe u dit kunt beheersen. Dit zorgt ervoor dat, wanneer dit in een verkeerssituatie voorkomt, er minder paniek is. En wanneer er minder paniek is worden er betere beslissingen gemaakt. Voorbereiding is cruciaal om veilig te autorijden bij gladheid. En dit geldt natuurlijk niet alleen voor de veiligheid, wat erg belangrijk is, maar ook schade aan de auto is wellicht makkelijker te voorkomen dan u denkt!
Je eerste auto kopen… Een rijopleiding volgen is leuk, maar er klaar mee zijn is natuurlijk veel leuker. Met rijbewijs B op zak ontstaat een enorme vrijheid. Tenminste, wanneer er een auto tot beschikking staat. De eerste auto kopen wordt vaak spannend beschouwd. Want hoe kun je nu weten welke auto voor jou de beste is? of de auto en papieren in orde zijn. In deze blog helpen we je een beetje op weg.
De beste eerste auto kopen
“Wat is nou de beste auto om mee te starten, na het halen van mijn rijbewijs?” -Dit is een vraag die rijschool Besure vaak krijgt van de cursisten. Na het halen van je rijbewijs B kun je in principe meteen een enorm snelle auto kopen. Echter is dit niet heel verstandig. Vooral in het begin, zal dit op regenachtige dagen, wel eens wat uitdagingen kunnen opleveren. Om te bepalen wat de beste auto is het makkelijk om als eerste het budget en type brandstof te bepalen. vanuit daar kun je kijken wat voor auto het beste past bij jouw wensen. Tot slot zijn er nog een aantal belangrijke
Budget en brandstoftype van eerste auto
Houdt bij het opstellen van een budget rekening met alle kosten die betaald moeten worden voor de auto. totale kosten van een auto kun je berekenen door het volgende bij elkaar op te tellen:
1. De aanschafprijs;
2. Wat betaald wordt aan de wegenbelasting, verzekering, vast onderhoud en de vaste afschrijving. Dit wordt bij elkaar ook wel de vaste kosten genoemd;
3. Wat betaald wordt aan brandstof, parkeervergunningen, onderhoud en de variabele afschrijving;
Bedenk van tevoren hoeveel km je ongeveer per jaar zult rijden, gemiddeld is dit bij een personenauto 13.000km per jaar. Wat er betaald wordt aan wegenbelasting, gaat op gewicht en brandstofkeuze. Dit geldt ook voor de kosten van de brandstof, onderhoud en variabele afschrijving.
Wanneer kies je voor een diesel auto
Wanneer er meer dan 15.000km per jaar gereden wordt, kan aan een diesel auto worden gedacht. Vanaf 20.000km per jaar beginnen de kosten gelijk te lopen. Maar wanneer er 30.000km of meer per jaar wordt gereden; is een diesel-auto (bijna altijd) goedkoper dan benzine-auto.
Het prijsverschil zit hem in zowel de vaste als variabele kosten. Een diesel is nieuw meestal duurder, en tweedehands meestal goedkoper wat aanschafprijs betreft. Dit heeft er ook mee te maken dat een tweedehands diesel auto vaak meer kilometers op de meter heeft staan dan een benzineauto. De wegenbelasting is beduidend duurder en ook als de auto zakelijk wordt afgeschreven, gaat dit bij een diesel in een sneller tempo. Het voordeel hiervan is dat de auto van de zaak, wanneer deze compleet is afgeschreven, aan jezelf mag worden gegeven.
De maandelijkse kosten, per klasse auto
Het Nibud heeft een overzicht geplaatst van de gemiddelde kosten per autoklasse. Hierin zijn de vaste en variabele kosten bij inbegrepen.
Aan de hand van de maandelijkse kosten en het aanschaf-budget kan, een paar uitzonderingen daar gelaten, naar een leuke auto gezocht worden – zonder dat je voor verassingen komt te staan.
Google de modellen in jouw klasse auto
Gebruik google om te kijken naar actuele vergelijkingen van auto’s in de klasse die het beste past. Aan de hand van het aanschaf-budget kun je het bouwjaar beïnvloeden. Over het algemeen geld dat een oudere auto minder kost in aanschaf, maar meer in onderhoud. Wat die onderhoudskosten van anderen met deze auto bedraagt, is vaak terug te vinden op fora.
Ook staan er vele vergelijkingen per klasse of budget te vinden. Zorg dat er altijd voldoende tijd zit in de research, zodat er in ieder geval alles aan gedaan is om een misser te voorkomen.
Eerste auto kopen? Doe altijd een proefrit
Zonder proefrit, geen deal. Koop nooit een auto zonder hier eerst zelf in te rijden. Is dit echt niet mogelijk laat dan iemand die je vertrouwd, en met verstand van auto’s, de proefrit doen. Bij het laatste geldt dat het ook altijd slim is om iemand met ervaring mee te nemen. Een verkoper is helaas niet altijd te vertrouwen op het oog. In een proefrit worden ongemakken en gebreken snel opgemerkt. Daarom is dit een cruciaal onderdeel van het kopen van een auto. Bij absentie van ongemakken en gebreken wordt ook de onderhandelingspositie kleiner. Wanneer er net iets meer aan de hand is met de auto dan in de advertentie vermeld stond, is er natuurlijk ruimte voor onderhandeling. Door een ervaren persoon mee te nemen wordt je in ieder geval niet overrompeld door sluwe trucs en mooie praatjes.
Controleer de auto
De auto controleren is erg belangrijk. Zorg dat je altijd een dubbel-check hebt op de zaken die je verplicht bent in orde te hebben wanneer je een auto op je naam krijgt. Bijvoorbeeld de APK, en een verzekering zodra je wegrijdt. Daarnaast kan een onderhoudshistorie je veel vertellen over de ongemakken en terugkomende onderhoudslasten van de auto.
APK-keuring van de nieuwe auto
Een APK-keuring is verplicht. Vaak wordt ook gezegd dat bij een auto met een aanschafbedrag van rond de 500 euro; enkel voor het APK-termijn wordt betaald. Dit varieert in de praktijk maar het is maar net een gok.
De APK-keuring is een periodieke keuring die om de zoveel tijd moet worden uitgevoerd. Tijdens deze keuring wordt bepaald of het voertuig veilig genoeg is om de weg op te gaan. Bij de aanschaf van de eerste auto is het raadzaam meteen deze datum te controleren, en direct de eerstvolgende datum wanneer deze gekeurd moet worden, in de agenda te plaatsen.
Vraag naar bekende problemen
Bij het kopen van een auto staat het altijd in het recht om te de verkoper te vragen naar bekende problemen. Deze is namelijk in principe verplicht dit te vermelden. Mocht de verkoper iets achterhouden is dit door deze vraag wellicht te zien aan de houding. Of dit wordt zelfs duidelijk tijdens de proefrit. Wanneer een verkoper aangeeft dat alles goed is, maar het blijkt niet zo te zijn; raadt rijschool Besure altijd aan de koop niet door te laten gaan. In dit geval kan niet van de verkoper worden uitgegaan en is onduidelijk of er meer problemen aan het voertuig kleven.
Eerste auto op naam zetten
Nadat een auto gekocht is dient het voertuig op naam te worden gezet. Bij een autodealer gebeurt dit ter plaatse. Maar koop je de auto tweedehands, of via een particulier, dan dient dit te gebeuren bij een postkantoor of overschrijf-punt. Vaak zijn deze aanwezig bij de lokale Primera of grote supermarkt. Bij een overschrijving moeten beide partijen zich legitimeren, ten minste 18 jaar oud zijn en alle delen van het kentekenbewijs mee te nemen.
Verzekeringsplicht bij het kopen van een eerste auto
Nadat een voertuig op naam is gezet geldt er per direct een verzekeringsplicht. Dus voordat de nieuwe eigenaar met de auto kan gaan rijden, moet dit geregeld worden. Dit kan 24 uur per dag en online geregeld worden. Dit is hier dan ook de meest populaire methode voor. Zodra een aanmelding is gedaan geeft de verzekeraar een voorlopige polis af. Hiermee is de auto officieel verzekerd totdat de aanmelding is goedgekeurd. Wordt de aanmelding om de een of andere reden worden afgekeurd, stopt de verzekering. Dan mag je het voertuig pas aan de weg plaatsen, of ermee rijden, zodra een verzekering is aangevraagd en deze uiteindelijk wordt goedgekeurd.
